De centrumgemeenten Heerlen, Sittard-Geleen en Maastricht coördineren de economische samenwerking in Zuid-Limburg. Maar die samenwerking krijgt zijn omvang door de betrokkenheid van alle 16 Zuid-Limburgse gemeenten. Tezamen met de participatie van ondernemers en het onderwijs. “Economische samenwerking in Zuid-Limburg raakt iedereen”, zegt burgemeester Annemarie Penn-te Strake (Maastricht), die sinds 1 maart j.l. voorzitter van ESZL is. “Die bewustwording kunnen we laten groeien door samen onze schouders onder de samenwerking te zetten.”

“Heerlijk! Geweldig toch, dat we hier samen aan kunnen werken.” Annemarie Penn-te Strake is enthousiast over haar voorzitterschap van ESZL. Ze straalt bovenal enorme daadkracht uit. Haar streven is helder: minder abstractie, meer concreetheid. “Er ligt een toekomstvisie op tafel, de speerpunten zijn duidelijk: Nu moeten we aan de slag met concrete projecten, waar burgers en bedrijven de betekenis van merken.”

Ze noemt de eerste voorbeelden: “Denk aan De Groeischakelaar, waarvoor de eerste innovatiemakelaars zijn gestart. Of aan de pilot Strategisch Innoveren die binnenkort begint en ondernemers uit Maastricht en het Heuvelland helpt bij strategische vraagstukken. En denk aan de mogelijkheid die ESZL aan ondernemers biedt om zich te presenteren tijdens Limburg Leads.”

Loskomen

Om de economische samenwerking in Zuid-Limburg succesvol te laten zijn, is het volgens de ESZL-voorzitter noodzakelijk dat alle stakeholders “loskomen van hun eigen gebiedje.” Want, zo zegt Penn-te Strake: “We hebben elkaar hard nodig. De trekkracht moet echter niet alleen van de gemeenten komen, maar juist van álle partners. Kijk maar naar succesvolle triple helix-samenwerkingen elders in het land, met name in Eindhoven. Daar zie je dat ondernemers de grootste trekkers zijn.”

Penn-te Strake is daarentegen blij met gemeenten die wel degelijk initiatief nemen. Zo is ze trots op de gemeenten in het ‘groene hart’ van Zuid-Limburg. “Deze gemeenten werken aan een gemeenschappelijke visie op de vraag hoe economie zich verhoudt tot zaken als toerisme, natuur- en landschap en leefbaarheid. Zo ontstaat er een eigen strategie om de economie in dit deel van de regio verder te ontwikkelen. Op een manier die aanvullend én versterkend werkt op de ontwikkelingen die ingezet zijn vanuit Sittard-Geleen, Heerlen en Maastricht.”

Grenzen tellen niet

Uit onderzoek blijkt dat de burgers van Zuid-Limburg voor het merendeel niet in de gemeente werken waarin ze wonen. De regionale economie is dus iets wat iedereen aangaat. “Op dit vlak tellen gemeentegrenzen niet”, stelt Penn-te Strake. “Neem nu Maastricht. We zijn geen burcht. Wat hier gebeurt, heeft zijn weerslag op de regio. En andersom! Daarom benadrukken we met de campagne TEFAF & The City ook de positieve effecten van congrestoerisme in Maastricht voor heel Zuid-Limburg.”

Ruimte én sturing

Daarom pleit Penn-te Strake voor ruimte en flexibiliteit in de economische samenwerking in Zuid-Limburg. “Daar waar kracht zit, laat je ruimte, zodat goede initiatieven zich kunnen ontwikkelen”, legt ze uit. “Tegelijkertijd moet er wel sturing zijn; een duidelijke richting. Want, laat het helder zijn: alle denkbare redenen om samen te werken, zijn in deze regio aanwezig. Er is eigenlijk geen weg meer terug.”

Toch vindt Penn-te Strake ook dat er een bepaalde organisatiestructuur moet komen voor de economische samenwerking in Zuid-Limburg; een vorm van governance die het samenspel tussen sturing en ruimte recht doet. “Structuur kan op punten de samenwerking sterker maken”, zegt ze. “Om bijvoorbeeld de triple helix op langere termijn strategisch te borgen. Maar ook om Rijksgelden uit Den Haag binnen te halen, die een impuls zijn voor de economische ontwikkeling hier. Zo’n ideaal governancemodel is er nog niet, maar ik ben ervan overtuigd dat we daar samen uit gaan komen.”

Het wordt tijd om de mouwen op te stropen, vindt de Maastrichtse burgemeester. “Laten we resultaten realiseren en samen vieren. Waar we over één jaar staan? Dan is economische ontwikkeling en samenwerking in Zuid-Limburg een concept van ons allemaal. Dan is het vanzelfsprekend dat alle gemeenten meedoen. Dat zijn er partnerships met Den Haag gesloten, komt de triple helix volledig tot zijn recht en is er een goed governancemodel gevonden. Ambitieus? Zeker. Maar we moeten ambitieus durven zijn.”

(Foto’s: Jonathan Vos/Gemeente Maastricht)