Toerisme: Urgentie voor meer kwaliteit in infrastructuur, aanbod en vakmanschap

By 18 januari 2019 Nieuws

De Zuid-Limburgse toeristische sector gaat nog meer inzetten op kwaliteit. Die conclusie mag getrokken worden naar aanleiding van de Nieuwjaarsbijeenkomst van de VVV Zuid-Limburg, die vorige week in het Holland Casino in Valkenburg werd gehouden. Door te investeren in infrastructuur en samenwerking tussen ondernemers, onderwijs en overheid, wordt er gewerkt aan een kwalitatieve impuls voor de hele sector. We namen enkele voorbeelden onder de loep: “Dit is echt hard nodig.”

Gedeputeerde Eric Geurts van de Provincie Limburg was tevens één van de sprekers. “Ik zie Limburg als een toeristische bestemming waar beleving, innovatief ondernemerschap, het streven naar een hoge kwaliteit én oog voor leefbaarheid, met elkaar in evenwicht zijn”, betoogde hij. “Alle initiatieven die nu ontplooid worden, zetten daarom beleving en kwaliteit centraal. Want het gaat om méér beleving en méér kwaliteit, in plaats van alleen maar meer groei, meer aantallen en meer schaalvergroting.”

Innovatief vakmanschap

Zo draagt de Provincie, samen met het ministerie van OC&W, ondernemers, onderwijsinstellingen en gemeenten, bij aan de realisatie van het FoodLab Limburg: een centrum voor innovatief vakmanschap in de food- en hospitality sector. Geurts verstrekte een subsidie van 4 ton aan dit initiatief, dat moet leiden tot beter gekwalificeerd personeel, meer onderwijs in de praktijk én een hechte relatie tussen ondernemers en opleidingen. Doelen waarvan de urgentie sterk gevoeld wordt in de food- en hospitality-branche.

“Dit is echt hard nodig”, benadrukt Taco van der Bijl van Wiertz Gastvrij in een reactie. “Het is namelijk niet gemakkelijk om genoeg goede mensen te vinden voor dit vak”, legt de branchemanager van de uitzendorganisatie uit. “Dat komt door het imago: werken in de horeca lijkt ideaal te zijn voor louter studentenjobs. Ik zie dat als een devaluatie van het vakmanschap. Vroeger was er de LTS, waar je als vakman of -vrouw voor de horeca werd opgeleid. Niet alleen voor managementfuncties: Vooral ook voor functies waar je in direct contact staat met de klant. De aandacht voor het belang van zulk vakmanschap lijkt, met name door hoe het onderwijs tegenwoordig is georganiseerd, langzaam te zijn verdwenen.”

Ruimte geven

Daarom is Van der Bijl heel blij met de komst van het FoodLab Limburg. “Het is geweldig dat twee opleidingsinstituten (Arcus en Gilde. Red.) hierin participeren en samen optrekken met ondernemers uit de horeca, die weten wat er gevraagd wordt als het om personeel gaat. Ik denk dat we samen heel ver gaan komen op deze manier.” Toch plaatst hij nog een kritische kanttekening: “Het FoodLab is een top-initiatief, maar we zijn er nog niet. We moeten ook als sector een signaal afgeven naar de landelijke overheid. Niet iedereen kan of wil horeca-onderwijs op mbo of hbo-niveau volgen. Terwijl zo’n diploma eigenlijk wel noodzakelijk is bij de start van een eigen onderneming. In ieder geval meer dan alleen een certificaat Sociale Hygiëne, wat nu vaak het geval is. En daarmee zou bijvoorbeeld het ministerie van Onderwijs rekening mee kunnen houden. Er moet ruimte zijn om vakmanschap en ondernemersvaardigheden nóg meer centraal te zetten in opleidingen voor horecamensen. Zeker nu het aantal horecazaken de laatste jaren toeneemt, terwijl het imago er niet altijd beter op wordt.”

‘Fantastische kapstok’

Algemeen directeur VVV Zuid-Limburg Anya Niewierra benadrukte in haar toespraak voor de ruim 400 aanwezigen, het belang van wandel- en fietsroutes voor Zuid-Limburg. Binnen de VVV Zuid-Limburg is het Routepunt Zuid-Limburg actief met het begeleiden van de momenteel 414 bewegwijzerde routes, met tientallen hieraan gerelateerde projecten, die inmiddels hebben geleid tot een kleine 150 fietstochten en wedstrijden. “Routes stimuleren inwoners en gasten tot bewegen én reflectie in ons digitale tijdperk. Routes leiden tot bezoek aan gebieden en tot bestedingen bij attracties en horeca door inwoners en bezoekers”, aldus Niewierra. “Met routes kun je het DNA van je gebied bloot leggen en dus het onderliggende verhaal van je streek vertellen. Bovendien kan Zuid-Limburg met de juiste DNA-routes de internationale kwaliteitstoerist werven en boeien.”

Een nieuwe, verbindende route die de komende jaren ontwikkeld gaat worden, is de Grenslandroute. Een wandel- en fietsroute van 630 kilometer die landen, natuurgebieden, inwoners en ondernemers met elkaar verbindt. Het IKL is een van de initiatiefnemers van de Grenslandroute. “De Grenslandroute biedt een fantastische kapstok voor de promotie en ontwikkeling van een ijzersterk Limburg”, aldus IKL-directeur Herman Vrehen. “Denk aan de samenwerking tussen o.a. dorpen, steden, natuur, landschap, cultuurhistorisch erfgoed, leisure, gastronomie, onderwijs en nationale parken en landschappen.” Toine Gresel, voorzitter Nationaal Landschap Zuid-Limburg reikte tijdens de receptie het bidbook van de Grenslandroute uit aan gedeputeerde Eric Geurts van de Provincie Limburg.

Toeristische toppers

Ter afsluiting van de Nieuwjaarsreceptie werden door de VVV-directie Zuid-Limburgse ondernemers en overheden in het zonnetje gezet, die bijzondere prestaties op toeristisch gebied hebben geleverd in 2018. Onder hen bevonden zich onder meer Thermae 2000, verkozen tot het vitaalste bedrijf van Limburg, Camping de Botkoel (Puth), de beste camping van Nederland, en de gemeenten Gulpen-Wittem (Cittaslow) en Eijsden-Margraten (eerste icoonlandschap van Nederland).

(Foto’s: VVV Zuid-Limburg)